Zaai advies

Zaden zijn ingenieuze wondertjes der natuur. Planten zorgen ervoor dat hun zaden verspreid worden op een plantspecifieke, effectieve manier. Hierbij wordt gebruik gemaakt van wind, water insecten, knaagdieren en vogels. Ook hebben ze ingebouwd een systeem dat er voor zorgt dat de zaden niet eerder kiemen dan nodig is. Deze ingebouwde veiligheid maakt dat niet alle zaden kiemen direct na het uitzaaien. Deze zo genaamde kiemrust kan doorbroken worden door de natuurlijke omstandigheden na te bootsen. Deze voorwaarden om tot kieming over te gaan zijn per plant verschillend maar kunnen in een aantal groepen worden ondergebracht. Indien bekend wordt dit vermeld bij de soorten onder zaaiadvies.


 

 

Algemeen
Een belangrijk uitgangspunt bij het zaaien is dat zaden nooit dieper moeten worden gezaaid dan de dikte van het zaad. Na het zaaien moeten de zaden regelmatig vochtig gehouden worden maar nooit nat.

Zaaien in potten

Bij het zaaien in potten kan men het beste gebruik maken van zaaigrond. Deze is vrij van onkruidzaden. Bij de beter gesorteerde kwekerijen, tuincentra en groenwinkels is dit als kant en klaar product te koop. Indien niet beschikbaar kan men dit ook zelf maken door potgrond te mengen met een hoeveelheid scherp (metsel) zand. Een mengsel van een derde zand en tweederde (uitgezeefde) potgrond kan hiervoor worden gebruikt. Bij snelkiemende zaden is afstrooien met zaaigrond vaak voldoende. Zaden die er langer over doen om te kiemen kan afstrooien met een dun laagje fijn grind.

Zaaien direct in de grond

Bij het direct zaaien in de grond verdient het de aanbeveling te zorgen dat deze zo veel als mogelijk vrij is van (wortel)onkruiden. Hinderlijke wortelonkruiden moeten worden uitgevorkt. Door het in te zaaien stuk van te voren regelmatig te schoffelen maakt men een zogenaamd ?vals zaaibed'. Onkruiden zullen in de bewerkte grond eerder kiemen en door deze weer te schoffelen put men de aanwezige zaadbank uit. Door deze bewerking te herhalen totdat de zaden op de plek worden uitgezaaid is de uitgangssituatie veel schoner. Bij zware (klei)gronden kan men het zaaibed verschralen door wat zand in de bovenlaag door te mengen. Bij het voorzaaien waarbij de kiemplanten later verspeend worden is zaaien op regels aan te bevelen. Dit maakt het eenvoudiger om vast te stellen of datgene wat kiemt de gewenste soort is of een onkruid.

Zaaien mengsels

Voor het zaaien van wilde bloemenmengsels gelden dezelfde aanbevelingen als hierboven. Meer over het zaaien van akkerbloemen (A6), ruderale mengsels (B1), bloemrijke graslanden (G1, G2, G3,G4, M1, M4, M5) en onderbegroeiing (O1) vindt u hier.