Bloemenweide maaien
vlinder flower
Bloemenweide maaien

 

BLOEMENWEIDE MAAIEN, HOE GA IK TE WERK? (OF HOE WERKT DAT?)

In deze tijd van het jaar komen er veel vragen bij ons binnen over het maaien van de bloemenweide. Daarom deze keer een ‘maaispecial’ waarin we dieper duiken in het maaien van het ‘bloemrijk grasland’. Hoe doe je dat, wanneer en waarom? Over het beheren van de bloemenweide kunnen we boeken vol schrijven. Hieronder een paar eerste aanwijzingen. Op onze website is meer verdieping te vinden. 

Waarom maaien?

Het bloemrijk grasland zoals we dit kennen in West Europa is ontstaan door een eeuwenlang agrarisch ritme van maaien en hooien. Dit hooi verzamelden boeren als wintervoedsel voor het vee. Als gevolg hiervan werden voedingsstoffen weggenomen en ontstond een redelijk schrale situatie waarop een bloemrijk grasland goed kan gedijen.
Bij het goed beheren van ons bloemrijk grasland nemen we de werkwijze van de ouderwetse boer daarom dus als uitgangspunt.
 
Als we niet maaien, dan verruigt en vergrast de bloemenweide en zullen de bloemen verdwijnen. Grassoorten en ruigtekruiden reageren sterker op voeding en zullen de bloemplanten verdringen. In de huidige zwaar bemeste weilanden vinden we dan ook weinig bloemen en weinig wilde grassoorten.
 
Maaien en afvoeren doen we in de eerste plaats dus om de bodem te verschralen om daarmee de bloemrijkheid te stimuleren. In een iets gevorderd stadium of wanneer we meer kennis en ervaring hebben, kunnen we ook specifieker beheren, bijvoorbeeld om juist meer vlinders, meer bijen of juist meer verschillende plantensoorten te stimuleren. 

Wanneer maaien? Hoe vaak maaien?

Het juiste maaitijdstip is afhankelijk van het doel wat we hebben. Daarnaast hangt het tijdstip en de frequentie van maaien af van de grondsoort en de voedselrijkheid van de bodem. Over het algemeen zullen we, zeker in de beginfase, vooral willen verschralen. Denkend aan de werkwijze van de ouderwetse boer, dan zullen we dit dus doen als het gewas uitgegroeid is, maar nog niet is ingestort. Als algemeen uitgangspunt voor een verschralingsbeheer kunnen we het volgende aannemen:
 
- Maai schraal bloemrijk grasland één keer: in september.
- Maai matig schraal tot matig voedselrijk bloemrijk grasland twee 
keer: eind juli en nogmaals in september-begin oktober.
- Maai voedselrijk bloemrijk grasland twee keer: in mei-begin juni en 
augustus-september.
- Maai zeer voedselrijk kruidenrijk grasland drie keer: in mei-begin 
juni, in augustus-september en nogmaals in oktober-begin november of 
in april.
 
Wanneer een bloemenweide sterk is vergrast, dan betekent dit meestal dat er te weinig en te laat wordt gemaaid en afgevoerd. Door te maaien wanneer de dominante grassen net beginnen met bloeien, hebben we het meeste resultaat. 
 

Ratelaar goed uit laten zaaien

Als we ratelaar in onze bloemenweide hebben, dan is het van belang deze goed uit te laten zaaien. Ratelaar is een éénjarige parasitaire plant op grassen. Wacht dus met maaien tot in ieder geval een deel van de zaden rijp zijn en uit de zaaddozen vallen. Dit is doorgaans medio juli het geval. Of laat een deel van de vegetatie (met veel ratelaar) iets langer staan. 

Lees meer over ratelaar
 

Gefaseerd maaibeheer voor bijen en vlinders

Een bloemenweide leggen we deels aan omdat we het mooi vinden, maar zeker ook om de bijen en vlinders een handje te helpen. Het is daarom van belang dat er voor de bijen en vlinders dus steeds nectar en stuifmeel beschikbaar is. Als we de gehele bloemenweide er in één keer afmaaien, dan ontstaat er dus een periode met te weinig aanbod. Door de bloemenweide ’gefaseerd’ te maaien kunnen we bloeispreiding genereren. Dit is niet alleen tijdens het zomerseizoen van belang, maar juist ook in het najaar. Veel bijen en vlinders vliegen rond tot eind oktober en hebben tot dan dus nog steeds nectar en stuifmeel nodig. Daarnaast kunnen door gefaseerd maaibeheer kortlevende en tweejarige plantensoorten goed in zaad komen en zich uitzaaien. Bijvoorbeeld Margriet, Peen, Slangenkruid of Zandblauwtje.
 
Bij een gefaseerd maaibeheer laten we steeds een deel van de vegetatie staan en maaien we een deel af. Als beheerder kunt u hier mee spelen en ervaring opdoen. Kleinschalig kunnen we allerlei fraaie patronen uitmaaien. Grootschalig zullen we misschien eerder kiezen wat praktisch haalbaar is voor de beschikbare machine. Langs een weg kan bijvoorbeeld een strook gemaaid worden, waarmee we meteen ook zorgen voor meer verkeersveiligheid. Een gefaseerd maaibeheer werkt het beste bij een bloemenweide die al redelijk schraal is. In de beginjaren is het wellicht nodig een iets steviger maaibeheer aan te houden. 

Grof of fijn beheer

Variatie in beheer geeft meer biodiversiteit. Als we kosten efficiënt willen beheren dan kunnen we de bloemenweide in één keer in zijn geheel afmaaien en afvoeren. We leveren dan wel in op biodiversiteit. Als we een verfijnder beheer voeren en gefaseerd maaien, dan kost dit iets meer inzet, maar we krijgen ook meer variatie in soorten en bloeispreiding en dus meer verschillende bijen en vlinders. 


Hoe te maaien, machines en gereedschappen

De gereedschappen en machines die we gebruiken hangen af van de schaal waarop we werken. Van belang is zoveel mogelijk vegetatie weg te halen en het maaisel niet teveel te versnipperen. Hark grondig, zodat er niet teveel maaisel achterblijft en er geen ‘viltlaag’ van slecht doorlatend verterend materiaal ontstaat.
 
Kleinschalig kunnen we werken met een bosmaaier of met een zeis. De bosmaaier het liefst voorzien van een slagmes in plaats van een draadkop, die het maaisel teveel versnipperd. Afharken gaat prima met een hooihark.
Op middelgrote terreinen is en éénassige messenbalkmaaier erg handig. Eventueel kunnen we deze voorzien van een bandhooier.

Op grotere terreinen gebruiken we een tractor met een cyclomaaier. Het maaisel verzamelen we met een hooihark en balenpers. 
Een praktisch, maar ecologisch onwenselijk alternatief is de ‘klepelmaaier met zuiginstallatie’. Dit is een kosten efficiënt compromis waarbij we veel voedingsstoffen afvoeren, helaas worden ook veel insecten en zaden weggezogen. Wanneer we toch voor de ‘Klepelzuigcombinatie ‘ kiezen, dan is het van groot belang dat we gefaseerd maaien en dus steeds een substantieel deel van de vegetatie laten staan zodat de insectenpopulatie zich kan herstellen.

Gebruik absoluut géén klepelmaaier zonder zuiginstallatie! Dit is funest voor de bloemenweide. Alle maaisel wordt versnipperd en de bloemenweide verruigt totaal. Eén jaar (goedkoop) klepelen, kan tien jaar zorgvuldig ecologisch beheer teniet doen.

Misvatting: maaisel een week laten liggen. 

Een hardnekkig misverstand is dat we het maaisel één of twee weken moeten laten liggen, zodat de zaden eruit kunnen vallen. Dit is niet nodig. Een bloemrijk grasland bestaat uit meerjarige soorten, die een rozet of zode vormen. Deze zal gewoon weer uitlopen na het maaien. Daarnaast zullen voor en tijdens het maaien ook al wat zaden op de grond vallen. Wanneer we het maaisel pas een week later afvoeren, dan begint het maaisel al te rotten en kruipen er allerlei beestjes in. Direct, of binnen enkel dagen na het maaien afvoeren is dus prima. 

Misvatting: de gemeenten maaien veel te vroeg

Regelmatig horen we mensen mopperen dat de gemeenten veel te vroeg maaien”’. Dit is soms het geval, maar op het juiste tijdstip maaien is juist ook van belang. Pas heel laat in het seizoen maaien heeft een nadelig effect op de vegetatie. Uiteraard is het wel wenselijk een gevarieerd beheer te hebben, zodat er altijd wel iets bloeit voor de bijen, vlinders en ….mensen.